Wonen op hoog en droog gelegen delen
ASM Arnhem en Arnhems Eiland liggen vóór de dijk, in het grootste uiterwaardenpark van Europa, in Meinerswijk. Dat klinkt misschien spannend, maar het plan is juist ontwikkeld met die ligging als uitgangspunt. Er wordt namelijk gewoond op de hoge delen van het gebied. Bij erg hoog water ontstaan hier letterlijk twee eilanden, terwijl woningen, wegen en parkeervoorzieningen op veilige hoogtes liggen.
Rijkswaterstaat rekent alle scenario’s door
Om dat goed te begrijpen, helpt het om naar de cijfers te kijken. De waterstand in Meinerswijk hangt samen met de hoeveelheid water die via de Rijn bij Lobith Nederland binnenkomt. Hoe groter de afvoer van de rivier, hoe hoger de waterstand in het gebied. Rijkswaterstaat rekent hiervoor met verschillende scenario’s.
– 8.000 m³ per seconde (gemiddeld eens per 4 jaar): waterstand in Meinerswijk circa 12,15 m +NAP
– 10.000 m³ per seconde (gemiddeld eens per 18 jaar): circa 12,75 m +NAP
– 12.000 m³ per seconde (gemiddeld eens per 80 jaar): circa 13,15 m +NAP
– 16.000 m³ per seconde (extreem scenario, eens per 10.000 jaar): circa 13,85 m +NAP
Wegen en woningen liggen nóg hoger
Op deze berekeningen zijn de bouwhoogtes in het plan afgestemd. Alle wegen in het plangebied liggen op minimaal 14.00 m +NAP. Woningen liggen deels op 14.25 m +NAP en hoofdzakelijk op 15.00 m +NAP. Ook de ingangen van de waterdichte parkeergarages liggen op minimaal 14.00 m +NAP. Simpel gezegd: het plan ligt hoger dan de berekende waterstanden waarop is ontworpen én hoger dan de bovenzijde van de omliggende dijk.
Veel extra maatregelen in Nederland en Duitsland
Ter vergelijking: tijdens het hoogwater van 1993 en 1995 bereikte de Rijn bij Lobith een afvoer van ongeveer 12.000 m³ per seconde. Sindsdien zijn langs de rivier veel maatregelen uitgevoerd binnen het programma Ruimte voor de Rivier. Ook in Duitsland is veel gebeurd om de waterveiligheid verder te verbeteren. De situatie van toen is dus niet één op één te vergelijken met nu. Hierdoor heeft de Rijn op verschillende plekken meer ruimte gekregen en kunnen waterstanden bij hoogwater lager uitvallen. Een dergelijke hoge afvoer is sindsdien bovendien niet meer voorgekomen.